In Ons Weekblad van november vertelden we, hoe de 14-jarige Noa in het Jeugd Olympisch team IJshockey onder de 15 terecht kwam en voor Nederland uit mocht komen. We hadden het nog over de risico’s van ijshockey en dat ze moest zorgen de laatste maand niet geblesseerd te raken. Dezelfde dag had Noa nog een wedstrijd in Tilburg, waar ze met de ambulance naar het ziekenhuis werd gebracht. Gelukkig was ze weer tijdig hersteld voor Zuid-Korea. Op 15 januari vertrok Noa naar Zuid Korea en op 28 januari zette ze weer voet op Nederlandse bodem.

Door Claudi Olieslagers

Noa kijkt met Ons Weekblad terug op deze geweldige ervaring. Helaas vielen de uitslagen een beetje tegen. Er moesten zeven wedstrijden gespeeld worden en die werden helaas alle zeven verloren. Noa vertelt dat bijvoorbeeld Team Turkije twee maanden op trainingskamp was geweest en dat zij maar een aantal keer samen hebben getraind. Normaal weet je ook op wie je moet letten in een wedstrijd, nu kende je niemand, dus ook niet hun spel. Je hebt echt tijd nodig om een team te kunnen zijn, is iets wat ze geleerd heeft uit deze ervaring. Noa en haar team verbleven in een groot Olympisch dorp, een flatgebouw waar ieder land zijn eigen verdieping had. Na aankomst hadden ze twee dagen rust om bij te komen van de vliegreis, want het was ook ineens acht uur later. Daarna hadden ze twee trainingsdagen om vervolgens in vier dagen zeven wedstrijden af te werken.

“Het was geweldig om mee te maken en om in zo’n groot stadion te spelen” vertelt Noa trots. Het zat niet altijd vol, maar toen ze tegen Zuid-Korea moesten spelen was het stadion wel helemaal vol.

Noa beseft, ondanks dat de uitslagen een teleurstelling waren, dat dit meemaken heel bijzonder was. “Dit maakt bijna niemand mee.” Met de andere 13 meiden van team NL heeft ze heel erg veel lol gehad. Ze vond het ook bijzonder om eens in een meidenteam te spelen. Bij de Yeti’s is ze ’one of the guys’. De coach was wel wat streng, er waren flink wat regels. Maar pubers zouden pubers niet zijn, als ze die regels toch niet zouden proberen te omzeilen. Zo lukte het Noa toch, ondanks dat het niet mocht een lekker stukje pizza te eten.

Ik vraag haar wat ze geleerd heeft. Ze is snel met haar antwoord. “Beter naar eigen spel blijven kijken en vooral rustig moeten blijven. Noa geeft aan dat ze nogal in het spel opgaat, ze moet hier ook een beetje om lachen. De laatste drie dagen in Korea mochten ze nog naar andere spelen gaan kijken en kregen ze de kans om te gaan skiën. Het was ook erg koud in Zuid-Korea, -10 graden. Nog nooit had ze op ski’s gestaan, maar natuurlijk pakte ze deze kans en nam ook deze ervaring weer mee.

Vol passie vertelt ze over haar belevenissen in Zuid-Korea, vond het wel een klein beetje lastig dat dit zonder haar ouders moest. Want vooral haar vader is altijd bij haar tijdens het ijshockey. Hij is assistent-trainer bij de Yeti’s en wordt daar misschien wel hoofdtrainer in de toekomst. Soms lukte het haar om even te bellen, maar dat moest dan ’s avonds laat, wat hier weer erg vroeg was. Ook het kijken vanuit Nederland naar de livestreams verliep niet soepel. Maar gelukkig was er iemand die de wedstrijd live filmde op FB. Noa geeft aan dat ze graag nog eens terug zou willen naar Zuid-Korea want de mensen daar zijn heel erg lief en behulpzaam.

Bij terugkomst moest er de volgende dag weer getraind worden bij de Yeti’s. Ondanks de vermoeidheid. Want Noa gaf aan dat die twee weekjes wel erg veel van haar gevraagd hebben en dat ze dat pas bij terugkomst voelde. Gelukkig begint ze nu weer de oude te worden. Ik vraag Noa wat nu haar doelen zijn en ze hoopt dat ze nu terecht komt in de selectie voor het WK onder de 18. Waar en wanneer dat is, moet ze mij nog even schuldig blijven. We blijven haar gewoon volgen: onze Baolse sportheld.