In 1969 startte Vlaming Frans Bevers met de verkoop van Vlaamse frieten bij de Acht van Chaam vanuit één frietkraampje. Zijn bedrijf groeide uit tot een miljoenenzaak. De koers in Chaam bleef hij lang ‘trouw’. Op 12 maart jl. overleed Frans, net 78 jaar oud.

Door Berry van Oers

Halve eeuw

Op vrijdagmiddag 26 juli 2019 brachten Theo en ik een bezoek aan Frans in zijn hoofdkwartier aan de Lierselei in Oostmalle, precies een halve eeuw nadat hij bij de Acht van Chaam was begonnen met de verkoop van Vlaamse frieten. We zochten Frans op om de verhalen over zijn Chaamse jaren vast te leggen voor het nageslacht. Half drie was onze afspraak.

Heet

’Pen, papier en fototoestel niet vergeten’, mailde Theo. Om half twee haalde ik hem met de Sportbreak op bij de ‘Avondster’ aan de Chaamse Brouwerij. Het was die dag de heetste dag ooit gemeten in Nederland. Op vliegveld Volkel tikte de thermometer zelfs 40 graden aan. “Het is niet te hopen dat het woensdag ook zo heet is bij de Acht”, zei Theo toen hij instapte in tropentenue.

Looza

Ruim voor half drie reden we het imposante terrein op van Bevers & Bevers in Oostmalle. “Awel, de mannen van Chaam uit Holland... de Frans zit boven”, zei Nancy. Na een paar brede trappen stapten we het kantoor van ‘de’ Frans binnen. Hij was in bespreking over de catering bij Tomorrowland. “Ik ben zo klaar”, riep Frans. We kregen alvast een flesje gekoelde Looza.

Recessies

Met Frans keken we terug op de voorbije vijftig jaar in Chaam. Ook de jaren van economische recessies passeerden de revue. Mede door de pachtgelden die Frans onverminderd bleef betalen kwam de Acht door die moeilijke jaren heen. Frans: “Ik liet ze in Chaam nooit in de steek. Ik ben er tenslotte zo ongeveer begonnen. Bovendien hadden we veel goede jaren.”

Tent

Frans vertelde dat zijn eerste frietkraam in 1969 aan de Gilzeweg stond bij de meisjesschool. Hij warmde het vet vroeg op. Frans: “Al om zeven uur ‘s morgens verkocht ik mijn eerste frieten.” Elk jaar kwamen er kraampjes bij en groeide het assortiment. Frans zette ooit een feesttent op het Marktplein en kondigde er een striptease-act aan. In een mum van tijd zat de tent vol. Frans: “De tent zakte in voordat de act begon omdat het publiek in de houten tentstaanders klom.”

Schilders

In 1979 schilderden plaatselijke grapkousen, na een ruige nacht, de namen van hun favorieten op de weg. De Locobar kreeg een zebrapad en op de Gilzeweg brachten ze een bibberende ode aan koningin Juliana vanwege haar 70-ste verjaardag. In het ochtendgloren werden de ‘schilders’ betrapt door Frans en zijn medewerkers. Die bouwden ‘s nachts de tenten op. Frans: “Dat moest wel, want al om vijf uur ‘s morgens sloten ze vroeger in Chaam het parcours hermetisch af.”

Supportersclub

In 1980 arriveerde de supportersclub van Jo Maas uit Limburg al vroeg in de tent, met het ‘Wonder van Obbicht’ nog in de benen. Clublid Willy Thijssen uit Maastricht, mijn oude dienstmakker, constateerde bij terugkeer ter hoogte van Grathem dat hij ook deze maal niet wist wie de Acht gewonnen had. Frans vertelde dat de Acht voor hem ook aantrekkelijk was omdat het geen rondje rond de kerk was. “Door de grote omloop hebben de mensen tijd om even naar de kraam te komen. Bij kleine wielerrondjes blijven ze aan het hek staan”, legde hij uit. Er brak een andere tijd aan. Medio jaren negentig volgde meer investering in het entertainment langs het parcours. “Er moet ambiance zijn”, zei Frans. Wielrennen alleen was niet meer genoeg.

Notitieblok

Frans vertelde heel wat af op die hete vrijdagmiddag in Oostmalle. Zo werden in één middag vijftig Achten, gezien door de bril van een ‘monument’ in de evenementenbranche, toegevoegd aan het ‘verhaal’ van de Acht van Chaam. Tegen vijf uur reden we terug naar Chaam met een volgeschreven notitieblok en een tussenstop voor een puntzak met Vlaamse frieten.